| Omschrijving
van de 38 Bachremedies |
|
1
*** Agrimony *** (groep 5 )
Agrimony-dieren houden
niet van conflictsituaties en trekken zich dan duidelijk
terug. De confrontatie met andere dieren wordt zoveel
mogelijk gemeden. Het dier wil alleen maar goed doen en
zal zelfs als het tekort gedaan wordt niet klagen. Dit
zorgt wel voor de opbouw van stress, dat zich kan uiten
in allerlei symptomen als bijten, krabben, likken, dit
alles om de aandacht van de echte problemen af te leiden.
Agrimony-dieren houden er niet van om alleen te zijn.
Wanneer ze alleen zijn zullen de situaties van alledag
die ze zo zorgvuldig weten te vermijden geestelijk op
hun afkomen wat voor veel problemen kan zorgen aangezien
dit het dier veel stress bezorgt. Ze zoeken dan ook continu
gezelschap op. Echte Agrimonytypes zijn de katten die
niet van je zijde wijken en de honden die zich ernstig
misdragen wanneer zij achtergelaten worden in huis en/of
auto. Ook zie je bij veel dieren die een Agrimonytekort
hebben dat ze onrustig slapen. Ze dromen veel en maken
daar ook de nodige geluiden bij. Dit word veroorzaakt
door de opgebouwde stress en kun je zien als een soort
ontlading.
2
Aspen (groep 1)
Dieren met Aspen-tekort zijn angstig en onzeker. Ze hebben
angsten die ze niet kunnen verklaren, maar die voor hen
heel echt zijn. De Aspen -angst zit eigenlijk tussen de
oren en is niet echt te benoemen. Geef het dier afleiding
op die momenten dat de angsten de overhand dreigen te
nemen, maar uiteraard mag u niet troosten, omdat u daarmee
de angst bevestigt. Het dier droomt vaak heftig en haalt
niet die rust uit de slaap die het eigenlijk zo hard nodig
heeft. Vaak zijn Aspendieren bang om alleen te blijven.
Daarentegen hebben ze ook angst om contact te zoeken.
Forceer bij deze dieren niets, laat het dier zelf komen.
Ook angstbijten is een symptoom van een Aspentekort. Soms
lijkt het alsof Aspen dieren angst hebben voor het hele
leven.
3
Beech (groep7)
Een Beech-dier ergert zich aan anderen, voelt zich ver
verheven boven anderen. Het zijn behoorlijk onverdraagzame
dieren. Vaak komt deze onverdraagzaamheid voort uit een
onprettige ervaring en heeft het dier zich geestelijk
afgesloten voor vriendelijkheid om zichzelf emotioneel
te beschermen. Deze dieren hebben dan ook moeite met het
schenken van hun vertrouwen aan de eigenaar en dienen
met veel geduld getraind te worden. Hardhandig aanpakken
en straffen uitdelen heeft dus enkel een averechts effect
op een dier met een Beech-tekort. Ook tijdens de pubertijd
kan een dier negatief Beech gedrag gaan vertonen en gaan
proberen waar de grenzen liggen. Het dominante/ onverdraagzame
gedrag kan omslaan in agressie, wat niet getolereerd kan
worden. Voorzichtigheid is geboden bij de (her)opvoeding
van deze dieren.
4
*** Centaury *** (groep5)
Een Centaurydier laat zich misbruiken door andere dieren.
Het is het pispaaltje in de groep. Een enorme 'will to
please' is aanwezig bij elk Centaury-dier. Het zijn allemansvrienden
en daardoor toch wat onbetrouwbaar in hun gedrag, aangezien
ze gerust met een vreemd persoon meelopen die dat van
hun vraagt. Pas op met dit soort dieren en kinderen, want
ze laten zich ook door kinderen misbruiken. Ze ondergaan
de mishandeling zonder te beseffen dat dit niet hoort
en kunnen ernstige verwondingen oplopen, zonder dat zij
in de verdediging gaan. Ook wanneer het dier met soortgenoten
of andere dieren samenleeft moet de verzorger opletten
dat de anderen niet met het Centaury dier sollen en voorkomen
dat ze 'm gaan pesten. Het zijn hele onderdanige dieren.
Het is niet de bedoeling dat de verzorger het Centaurydier
helemaal in bescherming gaat nemen omdat het dier zich
dan steeds verder gaat terugtrekken en op den duur helemaal
niets meer durft. In principe zijn Centaurydieren hele
makkelijke gewillege dieren, alleen zitten ze niet lekker
in hun vel en kunnen niet optimaal functioneren. Soms
kan deze situatie zich ook tijdeljk voordoen als het dier
uit een (voor hem) normale situatie gehaald wordt. Denk
aan overplaatsing in een ander roedel, zwakte na ziekte,
nieuwe eigenaar enz.
5
*** Cerato *** (groep2)
Een Cerato-dier kijkt constant naar zijn baas om te vragen
of hij het goed doet. Het dier heeft een duidelijk tekort
aan zelfvertrouwen en vraagt daarom ten alle tijden om
bevestiging van zijn daden. Het dier kan hierdoor erg
dom overkomen, maar gebrek aan intelligentie heeft het
niet. Het heeft door het Cerato-gebrek constant de bevestiging
nodig en zal ook de baas nooit uit het oog verliezen.
Eerder nog zal hij aan de baas vastplakken. Dit zijn dan
ook de dieren die letterlijk de hele dag achter de baas
aanlopen. Deze dieren tonen weinig initiatief gewoonweg
omdat ze niet weten wat ze doen moeten. Deze dieren moet
je wat overdreven trainen, heel veel bevestiging geven
waardoor het dier meer vertrouwen gaat krijgen in zijn
eigen kunnen.
6
Cherry Plum (groep1)
Bij deze dieren wordt een spanning in het lichaam opgebouwd
die er eens in de zoveel tijd uitkomt in de vorm van hysterisch,
agressief en/of driftig gedrag.Het dier verliest compleet
zijn zelfbeheersing. Het Cherry Plumdier is onbetrouwbaar
te noemen. zijn gedrag is moeiljjk te voorspellen omdat
hij afhankelijk van zijn bui telkens anders op een situatie
reageert. Het dier zelf voelt zich zeer ongemakkelijk
en ongelukkig in deze situatie. Wanneer het dier in zo'n
hysterische aanval verkeerd probeer dan kordaat de aandacht
van het dier op uzelf te projecteren zodat de aanval afneemt
ipv toeneemt wat zal gebeuren wanneer u niet ingrijpt.
Heel belangrijk bij de behandeling van een dier met een
Cherry Plumtekort is proberen te voorkomen dat er spanning
opgebouwd wordt. Er moet dus achterhaald zien te worden
waarom het dier deze spanning opbouwd en waar deze vandaan
komt.
7
Chestnut Bud (groep3)
Een Chestnut Buddier maakt continu fouten en leert daar
niet van. Hij heeft als het ware een leerblokkade. Het
is het dier die telkens de fout in gaat op exact dezelfde
manier. Een hond die als hij naar die ene reu toegaat
steeds afgebekt wordt en dat ook lijkt te weten, toch
gaat hij telkens weer terug om weer afgebekt te worden.
Deze dieren lijken dom, maar zijn dat absoluut niet. Eigenlijk
lijken deze dieren niet volwassen te worden, ze blijven
steken in het kinderlijk gedrag van constant dezelfde
dingen fout te doen. Bij deze dieren moet je eigenlijk
zien te voorkomen dat ze in de fout gaan, pikt de hond
iets van tafel, zorg dan dat er niets te pikken valt,
of leid hem af als je ziet dat hij weer naar die beruchte
reu toewilt enz.
8
*** Chicory *** (groep 7)
Een Chicory-dier heeft een sterke geldingsdrang. Het zijn
jaloerse dieren die veel aandacht vragen. Als dit dier
denkt niet de aandacht te krijgen die hij wilt, dan zal
hij door middel van negatief gedrag deze aandacht opeisen.
Als het die aandacht krijgt, dan is het het liefste dier
van de hele wereld, maar zodra het die aandacht niet krijgt,
toont het negatief en zeer bezitterig gedrag. Dit bezitterig
gedrag manifesteerd zich bij vrouwelijke dieren vooral
naar de jongen toe. Vaak blijven deze dieren heel lang
voor hun jongen zorgen en doen dat ook met hun hele ziel
en zaligheid. Chicory-dieren zijn intelligente dieren
die de kunst van het manipuleren goed beheersen.
9
*** Clematis ***
(groep3)
Een Clematis-dier toont dromerig gedrag. Hij ontvlucht
de werkelijkheid en ligt het liefst lekker te slapen dromend
van de boswandeling die hij vanavond gaat maken. Hij heeft
een afwezige blik in de ogen. Aangezien het dier erg afwezig
is, lijkt het alsof het ongehoorzaam is, omdat het de
commando's gewoon niet hoort, of daar gewoon traag op
reageert. Zo'n dier straffen is dan dus een slechte zaak,
omdat het niet begrijpt waarvoor het gestraft wordt. Dit
gedrag wordt vaak gezien bij dieren die vroeger slecht
behandeld zijn. Het is de bedoeling dit dier uit zijn
droomwereld te halen en de aandacht te vestigen op het
heden. Veel spelen en dingen doen waarvan u weet dat het
dier dit leuk vindt zal het dier helpen terug te keren
naar het heden.
10
Crab Apple (groep 6)
Het Crab-Apple -dier hecht veel waarde aan regelmaat en
zuiverheid. Deze dieren stellen het op prijs als hun slaapplaats
cq. verblijfplaats schoon is. Ook het schoon zijn van
water en voerbakken word zeer op prijs gesteld. Ze zitten
vastgeroest in een patroon en vertonen een obsessief gedrag
ten aanzien van de handhaving daarvan. Ze kunnen zeer
traumatisch reageren wanneer ze in hun regelmaat en zuiverheid
gestoord worden. Een uiting daarvan kan zijn dat het dier
zichzelf gaat krabben en bijten, puur uit frustratie.
Crab Apple is ook een reinigingsremedie. Crab Apple zet
de geest aan tot reinigen van het lichaam. Word ingezet
bij dieren die onverklaarbare jeuk hebben, maar ook bij
dieren die zichzelf constant moeten reinigen door middel
van likken of bijten vaak tot bloedens toe. Crab Apple
helpt ook het lichaam te ontdoen van restanten van allopatische
medicijnen.
11
Elm (groep 6)
Een dier dat verantwoordelijkheden tijdelijk niet kan
dragen zien we vaak bij dieren met een 'functie' . Het
dier wordt geestelijk of lichamelijk te zwaar belast en
geeft niet aan wanneer zijn grens bereikt is.Deze dieren
zijn in hun normale doen heel stabiel en gehoorzaam, wanneer
echter de grens bereikt is van overbelasting zal het dier
zeer instabiel gedrag gaan vertonen omdat hij zijn taken
niet goed kan volbrengen wat hij eigenlljk zo graag wil.
Honden met een functie zijn oa. een zogende moeder, waakhonden,
maar ook dieren die ingezet worden door mensen (blindegeleidehonden
of politiepaarden) Ook dieren die als " praatpaal''
van hun verzorger dienen kunnen een Elm -inzinking krijgen.
12
*** Gentian *** (groep2)
Dieren die vaak met de 'staart tussen de benen' weglopen,
zodra er iets niet gaat zoals het hoort te gaan. Een tegenslag
tijdens een training en het dier zal die oefening niet
meer doen omdat hij denkt het toch niet te kunnen .De
dieren zijn pessimistisch gestemd en hebben geen zin om
dingen te gaan ondernemen omdat je ze op voorhand besloten
hebben dat het toch niet leuk wordt. De dieren hebben
vaak een ietwat droevige blik in hun ogen en stralen en
vreemde hooghartigheid uit. Dieren die dit gedrag vertonen
hebben duidelijk een Gentian-tekort. Meestal is deze toestand
slechts van tijdelijke aardt en heeft dan een aanwijsbare
oorzaak. (herplaatsing)
13
Gorse (groep 2)
Gorse is een echte stemmingsremedie. Een dier kan tijdelijk
in een Gorsestemming zijn, maar geen dier heeft een Gorsekarakter.
Het dier is volstrekt wanhopig en doet geen moeite meer
om activiteiten te ondernemen. Het ligt op de eigen plek
en blijft daar liggen. Het dier geeft de indruk dat het
van hem allemaal niet meer hoeft. Deze houding zie je
wanneer de hond ziek is en niet meer de energie heeft
om "overeind" te krabbelen. Ook dieren die langdurig
in asiel of kennel zitten vertonen dit gedrag, ze zien
geen enkel zin meer van het leven. Deze dieren hebebn
heel veel liefde, geduld en aandacht nodig om uit deze
depressieve toestand te krabbelen. Gorse is ook een goede
remedie voor dieren die last hebben van verlatingsangsten.
De remedie Gorse staat ook bekend als '' zonneschijn in
een flesje''.
14
Heather (groep 4)
Dieren met Heather-tekort tonen een aanstellerig gedrag
en kunnen slecht tegen alleen zijn. Ze hebben het liefst
een heel publiek om zich heen staan waarvoor ze dan de
meest rare kunsten uithalen om maar alle aandacht te krijgen.
Je valt in huis gewoon over ze. Het dier wil alleen maar
in het middelpunt van de belangstelling staan. Deze dieren
zijn ook vaak zeer egoïstisch en eisen alle aandacht,
zij doen dit op een heel subtiele manier, maar altijd
zo dat ze er zelf beter van worden. Deze dieren moeten
ook maar weinig hebben van hun soortgenoten die in hetzelfde
huis wonen. Immers, deze krijgen aandacht die het Heather-dier
wil hebben. Ook met kinderen kunnen deze dieren (hond/kat)
niet goed overweg. Het Heather-dier is helemaal vervuld
van zichzelf en ook zeer kriebelig op takjes in de vacht,
wondjes enz.
15
Holly (groep 5)
Dieren met een tekort aan Holly-energie hebben zeer negatieve
emoties die zij op anderen projecteren. Eigenlijk zijn
zij constant boos naar anderen toe. De dieren zijn vaak
achterbaks, argwanend bezitterig en jaloers. Deze dieren
(hond/kat) kunnen jaloers zijn op nieuwe kinderen (baby's)
en mogen absoluut niet alleen met hun gelaten worden.
Deze dieren beschouwen ook vaak hun eigenaar als persoonlijk
bezit en handelen daar ook naar. Wee diegene die in de
buurt van de baas komt. Dit zijn de honden die voerbaknijd
vertonen, of bij wie je niet an de speeltjes mag komen.
Ook als er andere dieren bijkomen kan het dier vinden
dat het aandacht tekort krijgt. Dit kan zich uiten in
'beledigd' gedrag, maar ook gemakkelijk in bijten, krabben
of ander agressief gedrag. In de regel zijn het eenzame
dieren, vandar de noodzaak om deze dieren te helpen met
Holly-remedie.
16
Honeysuckle (groep 3)
Voor dieren die het verleden niet achter zich kunnen laten.
Honeysuckle maakt deel uit van de 'overplaatsingsremedie'
(Honeysuckle, Star of Bethlehem en Walnut). Het helpt
dieren die naar een nieuwe omgeving moeten gaan. Denk
hierbij aan verkoop of uithuisplaatsing. Bij dieren met
een Honeysuckle-tekort zie je dat ze niet (willen) wennen
aan de nieuwe leefsituatie, ze blijven hangen in het verleden.
Dat kenden ze en dat waren ze gewend. Die nieuwe leefsituatie
kan varieren van een nieuwe eigenaar tot een verhuizing
of nieuwe mensen in huis. Deze remedie kan ook preventief
gegeven worden, dus voor de herplaatsing of verhuizing.
17
Hornbeam (groep2)
Het dier is verveeld en heeft geen zin om op te staan.
Als er iets leuks gebeurt is de energie er ineens weer
wel, maar het normale leven lijkt moeilijk te volbrengen.
De hond loopt braaf zijn dagelijkse blokje om mee, maar
van enige enthousiasme is geen sprake. Deze dieren houden
van afwisseling, liefst iedere dag een ander rondje lopen
of een ander spelletje doen. Behalve Hornbeam helpt ook
dus afwijking van het normale patroon om het dier weer
in balans te krijgen.
18
*** Impatiens *** (groep 4)
Een dier met Impatiens-gebrek is druk en altijd in de
weer. Het zijn overenthousiaste dieren die de hele dag
bezig zijn. Ze handelen al, voordat je ze een commando
gegeven hebt. Ze ergeren zich aan andere dieren, die het
tempo niet bij kunnen (of willen) houden. Hun eten gaat
met drie happen naar binnen en word niet gekauwd, dat
kost immers tijd. Ze zijn snel geïrriteerd en komen
zeer nerveus over. Dit zijn de dieren die hun verzorger
de hele dag met één oog in de gaten houden.
Zodra de verzorger een bekende handeling maakt reageert
het dier direkt om tot actie over te gaan. Is de verzorger
10 minuten weggeweest dan springt dit dier alweer 1 meter
hoog van blijdschap. Op zich lijkt dit een heel leuk dier,
maar het dier komt niet tot ontspanning waardoor er stress
zou kunnen ontstaan. En de vreselijke ontstuimigheid zou
makkelijk tot lichamelijke klachten/blessures kunnen leiden.
19
Larch (groep 6)
Larch wordt gegeven aan dieren met een gebrek aan zelfvertrouwen.
Soms heeft een dier met Larch-tekort slechte leerervaringen
gehad en daardoor het zelfvertrouwen verloren. Deze dieren
zie je nooit een initiatief nemen aangezien ze ervan uitgaan
dat het toch niet goed is wat ze doen. Door het gebrek
aan zelfvertrouwen zit het dier niet lekker in zijn vel.
Hij voelt zich altijd de mindere en zal veel zaken met
een zekere terughoudendheid benaderen. Soms zie je dat
het dier nog maar moeilijk te benaderen is, puur omdat
hij denkt dat hij de situatie niet aankan. Vaak zie je
ook dieren met angsten een gebrek aan zelfvertrouwen ontwikkelen.
zodra zij blootgesteld worden aan de angstprikkel. Deze
dieren moeten gestimuleerd worden in hun kunnen. Geef
ze een opdracht waarvan je zeker weet dat het dier 'm
goed kan uitvoeren en beloon dan het goede gedrag. ( overdrijven
mag)
20
*** Mimulus ***
(groep
1)
Dieren met een tekort aan Mimulus-energie ontwikkelen
angsten voor bekende zaken.
Angst voor bekende zaken komt veel voor bij dieren. Bijvoorbeeld
angst in het verkeer, angst voor vuilniszakken of angst
voor die ene buurman, angst voor onweer, angst voor de
TV, voor visite, bepaalde personen enz. Kortom alle angsten
die benoemd kunnen worden en waarvan de oorsprong bekend
is. Deze dieren zijn vaak ook erg schrikachtig en hebben
dan de neiging om te vluchten. Soms is de schrik en angst
zo groot dat het dier agressief zal reageren wanneer u
hem weer aan diezelfde prikkels blootstelt. Vaak zie je
bij deze dieren dat de angsten zich langzaam uitbreiden
en wanneer er geen behandeling plaatsvindt de dieren veranderen
in zeer teruggetrokken dieren, die nog maar weinig plezier
in het leven hebben. Deze dieren zijn ook overgevoelig
en verlegen en hebben mede veroorzaakt door deze angsten
ook vaak een gebrek aan zelfvertrouwen. Hierdoor is het
aan te bevelen om deze dieren niet alleen Mimulus te geven,
maar ook de remedie Larch. Hierdoor wordt het dier zekerder
van z'n eigen kunnen waardoor angst en schrik eerder overwonnen
worden.
21
Mustard (groep 3)
Mustard is ook een echte stemmingsremedie.
Dieren die een tekort hebben aan Mustard-energie verkeren
in een zware depressie, die van tijdelijke aard is. Ineens
kan het dier in zo'n depressie terechtkomen zonder dat
daar echt een oorzaak voor aan te wijzen is. Niets in
het leven kan hun dan vreugde brengen. Ze liggen maar
wat doelloos in hun mand. Deze toestand komt gelukkig
niet erg vaak voor bij dieren, maar dieren die in korte
tijd veel meegemaakt (aantal herplaatsingen) hebben willen
dit gedrag wel vertonen.
22
Oak (groep 6)
Dieren van het Oak-type zijn echte doorzetters. Een Oak-dier
wordt wel moe, maar geeft niet op. Ze zijn betrouwbaar
en moedig en harde werkers, wat prettig is als er met
ze gewerkt wordt. Indien het dier gewond is zal het er
niets van laten merken en zodanig zichzelf ernstig kunnen
beschadigen. Vooral bij politie/waakhonden komt dit voor.
Als de wonden of blessures niet opgemerkt worden, doordat
het dier het niet laat merken, dan kan de schade enorm
groot zijn en zelfs onherstelbaar. Houdt zo'n dier dus
goed in de gaten, aangezien hij in staat is om zichzelf
op te offeren voor het gestelde doel. Ze bruisen ook van
zelfvertrouwen waardoor ze hun capaciteiten nogal eens
overschatten.
23
Olive (groep 3)
Dieren met een tekort aan Olive-energie zijn moe en futloos.
Deze dieren hebben last van algehele uitputting. Ze zijn
oververmoeid wat zich uit in veel slapen en te moe zijn
om te eten. Olive geeft het dier energie om weer vooruit
te kunnen. Dieren komen in deze toestand terecht na ziekte
of een zware operatie. Ook het verblijf op een logeeradres
kan zeer uitputtend zijn voor een hond of kat (stress).
Ook na een operatie of een zware ziekte is het goed het
dier Olive te geven.
24
Pine (groep 6) 
Een Pine-dier voelt zich schuldig als anderen iets gedaan
hebben en straf krijgen. Hij zal zijn kop laten hangen
en ogenschijnlijk de schuld opzich nemen. Zijn er meerdere
dieren in huis en is er iets fouts gedaan bij afwezigheid
van de verzorger dan zal het Pinedier zich schuldig gedragen
ook al heeft hij niets op zijn kerfstok. Maar ook in een
spel of tijdens een wandeling zal het dier veel terughoudenheid
tonen omdat er wel weer vanalles fout zal gaan wat dan
zijn schuld is. Wat er ook mis gaat, het Pine-dier zoekt
de fouten bij zichzelf, deze dieren zijn dus letterlijk
allergisch voor een boze baas en moeten altijd met zachte
hand geleid worden. Ook is het belangrijk deze dieren
te bevestigen als ze iets goed doen en wanneer ze de kop
laten hangen, probeer ze dan met een peptalk weer uit
hun schulp te krijgen.
25
Red Chestnut (groep1)
Red Chestnut-dieren zijn overbezorgt en angstig om het
welzijn van hun dierbaren. Ze houden iedereen goed in
de gaten en kunnen pas rustig gaan slapen als de hele
familie veilig thuis is Dit gedrag wordt ook gezien bij
zogende moederdieren, die hun jongen zo dicht mogelijk
bij zich willen houden, zodat die niet de fout in kunnen
gaan of dat ze iets overkomt. Deze dieren hebben vaak
een te sterke relatie met hun verzorger, in die zin dat
de verzorger niet uit het oog verloren wordt en dat het
dier hemel en aarde beweegt om maar bij die verzorger
te zijn. Deze dieren kunnen slecht tegen alleen zijn,
immers, de verzorger is afwezig en daardoor raakt het
dier in vertwijfeling. Het gaat hier dus om angsten en
overbezorgdheid om anderen. Ook wanneer er sprake is van
een te sterke band tussen dier en eigenaar kan deze remedie
uitkomst brengen er ervoor zorgen dat het dier zich geestelijk
niet verloren voelt hij niet in de buurt van zijn verzorger
is.
26
*** Rock Rose *** (groep1)
Dieren met een tekort aan Rock Rose-energie verkeren in
een verlengstuk van de Aspen of Mimulus toestand. Deze
remedie behandelt beide soorten angsten. Wanneer het dier
in paniek is geraakt geef je hem Rock Rose. Rock Rose
is onderdeel van Rescue Remedy.
27
Rock Water (groep 7)
Deze dieren zijn erg star in hun levenswijze. Zij wijken
niet af van hun standaardpatroon en zullen nooit uit zichzelf
linksom lopen als ze normaal rechtsom gaan. Het lijkt
of ze klok kunnen kijken, want ze weten exact aan te geven
wanneer het etenstijd is en wanneer ze uitgelaten moeten
worden, wanneer er iemand thuis moet komen enz. Het zijn
vrij hooghartige dieren die spelletjes en knuffelen ver
beneden hun niveau. Het dier leeft een vrij geïsoleerd
leven en raakt uit evenwicht als van de standaardrituelen
afgeweken word. Het dier gaat zich als een slachtoffer
van zijn eigen regels gedragen aangezien hij zich door
zijn starheid alle pleziertjes in het leven ontneemt.
28
*** Scleranthus *** (groep 2)
Een dier die een tekort heeft aan Scleranthus-energie
heeft veel last van stemmingswisselingen. Hij kan geen
evenwicht vinden in het leven. Het eten de ene dag wel
lusten en dan weer niet. De buurman aardig vinden en de
volgende dag hem willen bijten. Het dier twijfelt constant,
kan geen keuzes maken waardoor hij niet lekker in zijn
vel zit. Deze gemoedstoestand kost het dier veel energie
aangezien hij druk is met proberen te kiezen en niets
opschiet. Bij honden met een gebrek aan Scleranthus-energie
zie je vaak dat deze dieren last hebben van autoziekte
welke ook voortkomt uit een evenwichtsstoornis. Ook dieren
die last hebben van hormoonschommelingen ( teefjes rond
de loopsheid) zijn vaak gebaat met Scleranthus.
29
Star of Bethlehem
(groep
6)
Dit is de remedie die ingezet kan worden bij dieren die
trauma's op hebben gelopen. Dit kan zijn: mishandeling,
overplaatsing, overlijden hogere in de roedelorde, ongelukken,
ziekte, maar ook de geboorte kan al als trauma ervaren
worden. De onverwerkte trauma's kunnen emotionele blokkades
in de geest van het dier creeren waardoor het dier niet
openstaat voor mentale hulp of bijstand. Hij heeft zich
als het ware afgesloten van emoties. Een aanvulling van
Star of Bethlehem-energie zorgt ervoor dat blokkades in
het lichaam worden opgeheven, zodat andere bloesems ook
beter hun werk doen. Eventuele trauma's worden verwerkt
in de slaap. Ze zullen de eerste dagen dan ook meer slapen
en meer dromen. Het is verstandig ieder dier dat met de
bloesems behandeld wordt voor een ander probleem in het
eerste flesje Star of Bethlehem te geven aangezien je
nooit met zekerheid kunt zeggen dat het dier geen trauma's
heeft en dat deze remedie het dier ontvankelijker maakt
voor de energie van de remedies.
30
Sweet Chestnut (groep 6)
Voor als er sterke vertwijfeling heerst, bijvoorbeeld
bij overlijden van het baasje, of als het dier herplaatst
wordt. Deze dieren verkeren in grote wanhoop en lijken
aan het eind van hun latijn te zijn. Deze toestand komt
niet heel vaak voor bij dieren, maar soms zie je van die
dieren waarvan het allemaal niet meer hoeft. Wanneer dit
verder lichamelijk gezonde dieren zijn dan verkeren ze
in de negatieve Sweet Chestnuttoestand.
31
*** Vervain *** (groep 7)
Voor dieren die zich met grote vasthoudendheid aan bepaalde
zaken overgeven. Waar het mee begonnen is, daar gaat het
ook mee door, ook al waarschuw je tien keer. Het zijn
superenthousiaste dieren, die het risico lopen zichzelf
mentaal uit te putten. Ook kan enthousiasme voor een bezigheid
(balspelletje) overslaan in fanatisme. Deze dieren zijn
permanent mentaal en lichamelijk bezig waardoor zij zich
moeilijk kunnen ontspannen. Slapen gaat ook gepaard met
veel dromen, waarin veel geschokt, gegromd en gepiept
wordt. Zelfs in zijn slaap krijgt het dier dus geen rust.
32
Vine (groep 7)
Een Vine-dier is dominant en een echte vechtersbaas. Hij
valt andere dieren aan, zonder dat er een reden voor te
vinden is. Hij houd zich ook niet aan de gedragsregels.
Wanneer de lagergeplaatse al afdruipt, daar wil het Vine-dier
nog nahappen. Deze dieren jagen een ieder tegen zich in
het harnas met dit gemene gedrag. Het zal duidelijk zijn
dat dit gedrag maatschapplijk onaanvaardbaar is en dat
het dus belangrijk is dat er tegen opgetreden wordt. Door
zijn overdreven overheersende gedrag vallen al zijn goede
eigenschappen en capaciteiten in het niet.
33
Walnut (groep 5)
Helpt het dier zich aan te passen aan nieuwe situaties.
Walnut is dé veranderingsremedie. Voor alle grote veranderingen
in het leven van het dier. Overplaatsing uit het nest,
logeren in een pension en ook bij problemen met het doorkomen
van de pubertijd. Ook zeer behulpzaam wanneer er vaste
patronen doorbroken moeten worden of wanneer er oude gewoontes
afgeleerd moeten worden.
34
*** Water Violet *** ( groep 4)
Dieren van het Water Violet-type zijn tevreden met hun
eigen gezelschap. Het zijn vriendelijke, rustige, statige
dieren die wat aristocratisch overkomen en die vaak niet
in zijn voor spelletjes. Deze dieren hebben een geweldige
uitstraling, je herkent ze meteen, statig, hooghartig,
afstandelijk en zich ver verheven voelen boven de rest
van de wereldbevolking. Soms word deze toestand overdreven
en wordt het dier naar vreemden toe zeer afstandelijk
en wanneer je een confrontatie forceert kan het zijn dat
het dier met een snauw of hap reageert en/of probeert
te vluchten. Het dier kan te afstandelijk worden waardoor
het zich terugtrekt in zijn eigen wereld.
35
White Chestnut (groep 3)
Het dier kan zich niet concentreren en kan problemen en/of
gebeurtenissen niet los laten. Het dier heeft geen controle
over zijn gedachten en hierdoor voelt hij zich slecht.
Deze dieren slapen zeer onrustig aangezien de gebeurtenissen
van die dag zich in zijn hoofd blijven afspelen. Het is
een geestelijk onrust. Deze dieren zijn ook altijd bezig,
dingetjes onderzoeken, tien keer omdraaien in de slaap
enz. Vanwege de slechte concentratie is het erg moeilijk
deze dieren iets te leren.
36
Wild Oat (groep2)
Het Wild Oat dier weet eigenlijk niet wat hij wil. Hij
heeft geen doel in zijn leven.Het dier kan duidelijk moeilijk
voldoende concentratie opbrengen om te doen waar het mee
bezig is. Hij begint ergens enthousiast aan, maar verliest
al gauw de interesse en stopt er dan maar mee. Bij het
trainen van deze dieren lijken ze vast te blijven zitten
in de pubertijd en niet bij te leren. Ze lijken nooit
volwassen te worden. Ze zijn altijd in voor een spelletje
en voor nieuwe trainingen, maar je moet bij deze dieren
creatief blijven en nieuwe dingen blijven leren zodat
de interesse vastgehouden wordt. Het zijn de dieren die
in huis veel sloopgedrag laten zien, in het kader van
verveling en dan maar afleiding zoeken in het afkluiven
van een tafelpoot.
37
Wild Rose (groep 3)
Een dier met een tekort aan Wild Rose-energie gaat apatisch
en ongeinteresseert door het leven. HIj heeft geen zin
om iets te leren. Het dier legt zich bij elke situatie
neer en is daarom erg gemakkelijk in de omgang. Het zijn
rustige ontspannen dieren die niet echt ongelukkig overkomen.
Het dier heeft echter niet de vrolijkheid die het zou
kunnen hebben en mist het vermogen om van de dingen des
levens te genieten.
38
Willow (groep 6)
Deze dieren zijn ontevreden en hebben last van wrok en
zelfmedelijden. Ze hebben een hekel aan alles en iedereen
en bekijken alles argwanend en wantrouwend. Tegen soortgenoten
is hij ook niet vriendelijk, zal nooit zelf contact zoeken
en als een ander dier met hem contact zoekt zal een snauw
, een grom en een hap volgen. Hij bekijkt het leven somber,
vindt zichzelf zielig en zal problemen niet bij willen
leggen. De dieren vertonen afgunst en zijn niet prettig
in de omgang. Een positieve benadering en Willow-energie
kunnen dit ontevreden levensmoede dier weer nieuw leven
inblazen.
